Tagarchief: Almere

10-12-1949 -17-12-2019 – Willem Meuwese, een reus die Den Haag en Almere met zijn daden definitief veranderde

Dwarsweg Binnenstad: Een onschuldige lijn op de kaart stond gelijk aan de sloop van honderden panden en de vernietiging van twee binnenstadswijken.

Het was 10 december 1980, de dag dat het Dwarsweg-compromis werd gesloten. Samen met collega-wethouders Chris Nyquist (VVD) en Lex Blankesteijn (CDA) sloot ik het zogeheten Dwarsweg-compromis. Hierbij werd een – voorlopig – einde gemaakt aan een decennialange discussie over de verkeersafwikkeling in de Haagse binnenstad. Den Haag was verdeeld, aan de een kant stond de VVD, het CDA en het grootwinkelbedrijf die een ringweg om het historisch centrum (lees ook: Grootwinkelgebied) wilde. In hun visie ging het vooral om de economie van de binnenstad.  Zij zagen hiervoor een maximale bereikbaarheid met de auto als sleutel.  Voor deze ringweg (‘Dwarsweg Binnenstad’) waren in het Oude Centrum en het Kortenbos veel panden opgekocht. Inmiddels gesloopte panden zorgden voor gaten in de gevelwanden, veel resterende woningen waren verpauperd of al dichtgemetseld. In het Oude Centrum – tussen de Palviljoensgracht en de Boekhorststraat – was al een deel van de ringweg aangelegd. Voor beide wijken was er geen toekomst meer.

De foto dateert uit 1980 en laat het gebied zien tussen de Palviljoensgracht en de Boekhorststraat.

Dankzij het toenemende verzet in de stad groeide in de jaren tachtig de basis voor een fundamentele verandering van het ruimtelijk beleid voor de binnenstad. Uiteindelijk zou dat culmineren in het ‘Dwarsweg-compromis’. Hiermee kon de weg naar de rehabilitatie van dit deel van de Haagse binnenstad weer worden ingezet. Maar in Den Haag zijn politieke compromissen breekbaar, dus hoe kon deze politieke winst ook daadwerkelijk worden veilig gesteld?  Voor mij stond vast dat wij voor de volgende verkiezingen feiten moesten creëren. Wanneer wij er met elkaar in zouden slagen om voor de gewenste nieuwbouwplannen de eerste palen de grond in te krijgen, zou de Dwarsweg er nooit meer kunnen komen. Maar een wethouder kan nog zo veel willen, hij of zij is ook afhankelijk van de medewerking van het ambtelijk apparaat en de woningbouwvereniging.  In ambtenaren als René Strijland en Piet van de Kerkhof had ik bondgenoten die dag en nacht bereid waren door te werken om deze ‘strijd’ te winnen.

Maar hoe zat het met de bereidheid en medewerking bij de Algemene Woningbouwvereniging (AWV), die de risico’s van de woningbouw en de bedrijfshuisvesting op zich zou moeten nemen? Het AMV stuurde een nieuwe, mij onbekende projectleider, een robuust gebouwde leeftijdgenoot, die zich voorstelde als Willem Meuwese. En dat bleek voor ons een gouden greep. Willem was, net als wij, volstrekt onorthodox in zijn werkwijze. Hij hield zichtbaar van uitdagingen, de wereld veroveren was hem op het lijf geschreven. Al in het eerste contact gaf Willem aan dat succes alleen mogelijk was, wanneer hij directe toegang had tot mij als wethouder. Zijn methode bestond eruit om de opdoemende knelpunten altijd direct te slechten: ‘Alleen dan kan ik het tempo waarmaken wat u vraagt!’

Veertig jaar verpaupering in Het Oude Centrum en Kortenbos werd in twee jaar gekeerd in een wederopbouw.

Het zou het begin worden van een hele intensieve en mooie samenwerking, waarbij alle formele codes en regels – indien nodig – werden doorbroken. Als een wervelwind forceerde Willem beslissing op beslissing en loste hij knelpunt na knelpunt op. In een ongekend hoog tempo ontwikkelde hij -samen met de gemeente, bewoners en bedrijven – in anderhalf jaar tijd een spectaculair bouwprogramma dat bekend zou worden onder de naam: Bouwstroom Binnenstad. Maar liefst 1000 sociale huurwoningen, winkels en bedrijfsruimten op maar liefst 27 verschillende locaties in het Oude Centrum en Kortenbos.  Op 18 november 1982 gingen overal de eerste palen de grond in. De Dwarsweg was definitief geschiedenis.

In het Hamerstraat in het oude centrum verdween definitief de dwarsweg van de kaart. Een droom kwam uit.

Willem Meuwese ontwikkelde zich hiermee tot een belangrijke motor in de Haagse stadsvernieuwing. Maar het ging hem niet alleen om productie, na deze krachtinspanning ontwikkelden wij in 1984 – in het kader van Stadsvernieuwing als Kulturele Aktiviteit – samen met Hans van Beek van architectenbureau PRO de nieuwe kwaliteitsnorm voor de stadsvernieuwing in de Katerstraat, een voormalig prostitutiegebied. Al dertig jaar een voorbeeldproject voor kwalitatief hoogwaardige en betaalbare sociale woningbouw in een stedelijk gebied.

12 november 1982, twee jaar na het Dwarsweg Compromis, begon de Bouwstroom Binnenstad. 1982

Willem Meuwese ging naar het Bouwfonds. Hij zou zich in de commerciële wereld van projectontwikkelaars onderscheiden door de realisatie van een reeks kwalitatief hoogwaardige projecten. Steeds vaker keerde hij zich af van de wereld van het commerciële. Hij voelde zich meer en meer thuis in zijn eigen atelier waar hij kon schilderen.

In oktober 2012 kwam ik Willem Meuwese weer tegen. Ik had opnieuw iemand nodig die in staat zou zijn om een nu wel heel bijzondere klus te klaren. Ik legde hem uit dat ik aan de oostkant van de stad een volstrekt nieuwe vorm van gebiedsontwikkeling wilde. Ook wel een meer organische groei genoemd en belangrijk: geheel op basis van initiatieven van onderop. Willem was direct enthousiast. In zijn ogen zag ik het avontuur weer opvlammen. Dat was, in een wereld waarin commerciële grondposities uitmaken wie er mag bouwen, een uitdaging. Hier was de grond van het Rijk en de Gemeente. Er kon dus een fundamentele omslag naar burgers worden gemaakt. Ook hier stond Willem voor het op gang brengen van een kwetsbare ontwikkeling. In ons land is woningbouw helaas vooral een verdien-machine voor institutionele partijen, die er niet voor schromen om met een veelvoud van minimalistische gestandaardiseerde woningbouwproducten veel geld (‘marktconforme prijzen’) uit de portemonnee van burgers te plukken. De vraag was dan ook, hoe wij konden veiligstellen dat in Oosterwold de initiatieven van onderop ook echt centraal zouden komen te staan. Wie kon dat voor elkaar krijgen?

Het mag duidelijk zijn, Willem Meuwese werd onze kwartiermeester voor Oosterwold. Met het Rijksvastgoedbedrijf, de provincie Flevoland, de gemeente Zeewolde en het Waterschap Zuiderzeeland – de door ons voorgestane nieuwe vorm van gebiedsontwikkeling, waarin inderdaad de initiatiefnemers burgers waren. Oosterwold heet dan ook niet voor niets ‘Land-Goed voor initiatieven’.

2017, de eerste initiatieven waren omgezet in concrete gebouwen en het open land kreeg zijn vorm.

Willem Meuwese werd ook de eerste gebiedsregisseur van Oosterwold. Willem toonde opnieuw zijn onconventionele karakter, hij was missie gedreven, kleurrijk en vooral goedlachs. Willem Meuwese gooide de knuppel in het hoenderhok als dat nodig was. Hij zorgde ervoor dat het kenmerk van de gemeenschappelijke regeling, die onder zijn leiding tot stand kwam, niet bestond uit Almere Oosterwold of Zeewolde Oosterwold, nee, het werd ‘Oosterwold’. De betekenis is duidelijk, in dit gebied was het niet de gemeente en haar ambtenaren, maar gold het adagium ‘mensen maken de stad’. Willem zou tot juli 2014 betrokken blijven. Achteraf vond hij dat het misschien te kort was, maar hij was het die de basis van de grondgedachte heeft verankerd en daarmee een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan het immense succes wat Oosterwold inmiddels is. Oosterwold is het enige grootschalige gebied waar honderden burgers met hun initiatieven de stad maken. De wachtrij is inmiddels zo groot dat gebiedsregisseur heeft moeten besluiten de inschrijving tijdelijk te sluiten. Oosterwold laat het zien; gebiedsontwikkeling kan dus zoveel anders in ons land. Willem legde daarvoor als kwartiermaker het materiële fundament.

De initiatievenkaart van Oosterwold waarbij iedere stip een uitdrukking is van creativiteit.

Voor mij is het overlijden van Willem het verlies van iemand die van grote betekenis is geweest voor de dromen en idealen die ik nastreefde. Willem Meuwese begreep dat, voelde zich er in thuis. Willem was de reus die Den Haag en Almere met zijn daden definitief veranderde.

Willem mag dan nu overleden zijn, zijn werk blijft. De stad Den Haag, het Oude Centrum en Kortenbos, maar zeker ook Oosterwold zouden er anders uitzien wanneer Willem er niet was geweest. Met dit In Memoriam toon ik mijn dankbaarheid, nadrukkelijk ook aan zijn familie. Ik wil voor eenieder die het aangaat, duidelijk maken hoe dierbaar voor mij de samenwerking met Willem was. Het was nadrukkelijk ook ons avontuur en hebben er samen van genoten en waren beiden trots op de resultaten! 

Het is tijd (…)Tijd om te leven

Willem en zijn vrouw Marianne waren beiden ongeneeslijk ziek. Op 17 december 2019 hebben ze ons verlaten, maar niet zonder boodschap: ‘Het is tijd (…) Tijd om te leven ‘.

Het zoutkristallen licht van Wim Trieller: Voorbij het ‘dansen in oneindigheid’

Wie Wim Trieller kent, weet dat zijn leven één brok energie is. Misschien is deze intensiteit wel het kenmerk waarmee hij in alle openheid bezig is, om zijn en onze wereld mooier en leefbaarder te maken. Wim maakt deel uit van de generatie, die oprecht geloofde in een positieve maakbaarheid van onze samenleving. Zijn inspanningen zijn gebaseerd op het ideaal, waarin mensen zichzelf kunnen zijn maar ook met elkaar een verbinding aangaan.

Wim Trieller heeft geknokt voor een betere wereld, te beginnen in Almere. De verschillende rollen, raadslid, wethouder, ja ook projectontwikkelaar, voorzitter van het OBA en Vis A Vis, waren voor hem voertuigen om inhoud te geven aan zijn idealen. De inzet van Wim was mateloos en werd nooit beperkt geworden door een tijdsgrens. Het was en is met Wim Trieller altijd dansen in oneindigheid.

Ik denk dat veel mensen dit ‘dansen in oneindigheid’ zullen kunnen herkennen. Maar zeker, zij die gedreven zijn door idealen, beginnen iedere dag weer opnieuw om ongeremd betekenis te geven aan de dag van morgen en overmorgen.

Het is fascinerend hoe het begrip van oneindigheid als vanzelfsprekend deel is van ons dagelijks leven. Maar voor iedereen wordt alles anders wanneer het begrip eindigheid niet meer een abstractie, maar een voelbare realiteit is geworden. Vanaf dat moment, verandert er iets fundamenteel in de dynamiek van je bestaan. Dan is het niet meer mogelijk om je onder te dompelen in het bad van de grenzeloosheid. Nee, vanaf dat moment gaat het altijd ook om eindigheid, om de tijd die nog resteert. Het is dan onvermijdelijk dat je de vragen, die met de eindigheid samenhangen, moet doorgronden.

Toen bij hem het moment kwam waarin het onbewuste oneindige op heftige wijze werd vervangen door het bewustzijn van onze eindigheid, zou Wim zichzelf niet zijn wanneer hij ook deze levensfase in woorden zou te willen vangen. En bij hem worden woorden gedichten.

Ik neem de vrijheid dit te illustreren met twee gedichten:

plotseling is er
een diepe leegte

de tijd verziekt
uit handen gevallen

in een ruimte verkleind
tot een tafel en een bed

in een witte kamer
met de rug tegen de muur

staat de beklemming
hoe blijvend het is

voor altijd anders
totaal anders

een komende tijd

Het is niet gangbaar om de overgang van onze onbewuste, maar wel gekoesterde‘ oneindigheid’ in de bewuste en vaak gevreesde eindigheid tot een gesprek van alledag te maken. Als het al gebeurt, zal het vooral abstract zijn en gaat het over anderen. Toch is het deel van het leven zelf. Of in de woorden van Wim ‘voor altijd anders, totaal anders, een komende tijd’. Nog indringender wordt wanneer het gaat om ‘die ene seconde’ dat alles anders wordt.

Het ogenblik
tussen vergankelijkheid
en eeuwigheid

dat je naam
nog antwoord
geeft
sterft
alleen en 
ongrijpbaar

alles in
die ene 
seconde

Ik vind het fascinerend hoe Wim Trieller, in zijn nieuwe dichtbundel Het zoutkristallen licht, ons meeneemt in zijn overstap van oneindigheid naar eindigheid. Met het uitbrengen van deze gedichtenbundel laat hij ons zien wat ons allen te wachten staat. Eindigheid kent namelijk geen ongelijkheid. Hij maakt ons daarvan bewust, op een heel directe manier, maar nooit choquerend. Sterker, ook in deze tijdsperiode ontstaat er, zoals blijkt uit zijn gedicht Het Kristallen licht, nog vaak een nieuw perspectief.

ontwaakt uit een nacht
waar men nooit eerder was
hoe onzegbaar nabij
de nacht
met storm en duisternis
totdat de wind ging liggen
en de wind ging liggen
en het licht verschoonde
men zou het een grote schoonmaak kunnen noemen
ramen open, het oog ziet
het zoutkristallen licht,
men ademt de zee
de wedstrijd nog niet
beëindigd

http://www.almeredezeweek.nl/widgets/2164-nieuws/nieuws/1496475-po-euml-zie-heelt-alle-wonden-wim-trieller-publiceert-het-zoutkristallen-licht

 

 

Dankwoord gehouden tijdens de uitreiking van het eerste exemplaar van de dichtbundel Het zoutkristallen licht van Wim Trieller op 10 maart 2019 op de locatie van het Toneelgezelschap Vis á Vis in De Rode Haring. De dichtbundel kan worden besteld bij wimtrieller@gmail.com

Henk Hofland, de schrijver die als eerste de kwaliteit van Almere beschreef

Een mooie en bijzondere man is van ons heen gegaan. Henk Hofland mocht ik een aantal malen in mijn leven ontmoeten. Het was altijd weer een bijzondere en inspirerende ervaring.

Uniek was Henk Hofland in zijn tegendraadsheid. Hij was een van de eerste gerespecteerde schrijvers die Almere op zijn waarde wist te schatten. Al tijdens de opening in juni van 1994 van een tentoonstelling voor plannen voor Almere-Poort, kwam hij met een loflied op de nieuwe stad in de polder. Hij zou dat nog vaker herhalen en werd daarop vervolgens met enig dédain bekritiseerd.

Hoe dit discours was laat onderstaande tekst uit een recensie zien in Trouw van 25-05-199 over de publicatie ‘Magisch Flevoland’. zien.

“Volgt Hofland. Die in het boek als een echte Flevoliefhebber getypeerd wordt. En dan nog wel een die de polder in Nederlands perspectief zet. Toe maar. Hofland is een van de allerbeste journalisten van ons land. Maar in de Flevopolder raakt hij de weg kwijt. Neem nou het volgende: Eerst schrijft hij in volleerd reclameproza: ,,Urbaan Almere, een ongeschonden natuur, schone energie, dat alles hoort tot het nieuwste Nederlandse landschap. Het is niet rustiek, het heeft zich vèr verwijderd van de vaderlandse knusse geborgenheid’… Even later krijgen figuren die ook maar met één kritische vinger naar de stad durven te wijzen ervan langs: ,,Almere Haven lokt zijn nieuwe bewoners met nieuwe kleinschaligheid: de knusheid van grachten en de vernuftig geconstrueerde intimiteit van tuinen en smalle achterstraatjes. Dit geheel wekt in vakkringen kritiek en hoon: ‘nieuwe kneuterigheid’ en ‘truttisme’.’ Om te vervolgen met de dooddoener dat hier dan niet stedenbouwkundig een sprong voorwaarts is gezet, maar dat de opzet, gezien het inwonertal, wel geslaagd is. Prachtig Ikeaproza, dat zeker, maar het effect is averechts. Als je nog geen vooroordeel tegen dat prachtige polderland had, zou je dat na het inzien van ‘Magisch Flevoland’ terstond krijgen.”

Nu in 2016 kunnen wij met een gerust hart constateren dat Henk Hofland het gelijk aan zijn zijde had. Almere mag hem daarvoor dankbaar zijn.

Adri Duivesteijn, oud-wethouder Duurzame Ruimtelijke Ontwikkeling (2006-2013)

http://www.trouw.nl/tr/nl/4512/Cultuur/article/detail/2734292/1999/05/29/Magisch-Flevoland-blijkt-vooral-schraal-polderland.dhtml

Herfstvacantie 2003 048

Henk Hofland in de Westelijke Tuinsteden in Amsterdam – Foto: Adri Duivesteijn – 2004-10-13

Herfstvacantie 2003 023

Henk Hofland in de Westelijke Tuinsteden in Amsterdam – Foto: Adri Duivesteijn – 2004-10-13