Referendum, instrument zonder checks and balances

adri_duivesteijnVandaag is het dan zover dat de Britten in een referendum hebben aangegeven uit de Europese Unie te willen stappen. Dat is inhoudelijk gesproken een standpunt dat mij niet aanspreekt. Maar dat is mijn persoonlijk mening en overtuiging. Ik ben het dus niet eens met de beslissing van de Britten, maar dat de gevolgen ervan zo dramatisch zullen zijn, zoals vele voorstanders van Europa ons willen doen geloven, geloof ik ook niet. Goed, er zal zeker vertraging komen maar er komt vast en zeker wel een nieuw evenwicht waarin Europa met Engeland komt tot een stelsel van afspraken die niet heel veel zullen afwijken van wat nu in Europa gewoon is geworden. In die zin zijn de wederzijdse belangen te groot.

Ik heb een ander probleem en dat is de wijze waarop wij omgaan met referenda. Onze hele rechtsstaat is opgebouwd uit een systeem van checks and balances. Wanneer wij naar de rechtspraak kijken zien wij dat het nooit zo is dat een enkelvoudige uitspraak van een rechter ongeclausuleerd zal en kan worden uitgevoerd. De veroordeelde kan altijd in hoger beroep gaan en zelfs daarna is er nog de mogelijkheid voor het aanvragen van cassatie. Ook in het uitvoerend bestuur is er een stelsel van checks and balances. Zo kan je als individuele burger, bijvoorbeeld, na een beslissing van een College van Burgemeester en Wethouders, nog altijd terecht bij de bestuursrechter. Ook in de politieke arena is er de mogelijkheid van een extra controle. Zo, heeft de Raad van State het recht op het geven van een advies op wetgeving die in de maak is, en is een wet pas echt goedgekeurd wanneer ook na de Tweede Kamer ook de Eerste Kamer haar goedkeuring heeft gegeven. En als burger vind ik ook dat wij daarmee in onze rechtstaat en binnen onze parlementaire democratie een goed systeem hebben opgebouwd om met een redelijke mate van zekerheid te kunnen zeggen dat beslissingen die genomen worden verantwoord zijn dan wel zijn te verantwoorden.

Bij referenda, ingevoerd om de burger meer direct te betrekken bij onze democratie, is dat anders. Daar zien wij dat een uitkomst, theoretisch gesproken, ook direct betekenis zou moeten krijgen in het dagelijks handelen van de democratische vertegenwoordigers. De uitkomst van het Britse referendum is daar opnieuw een voorbeeld van. Hier zien wij dat blijkbaar van iedere politicus verwacht wordt dat hij of zij per ommegaande uitvoering geeft aan de wil van het volk. Zelfs als de verschillen van de uitkomst procentueel minimaal (48-52%) zijn zoals in Engeland het geval is. Veel politici doen dat ook en soms geeft men al van te voren aan, ongeacht de uitkomst, de beslissing te respecteren. Mijn partij deed dat met het referendum over het associatieverdrag met de Oekraïne. Ik begreep daar niets van. Ik vind dat daarmee voorbij gegaan wordt aan de eigen verantwoordelijkheid die iedere individuele politicus heeft om – zonder ruggespraak – een zelfstandige afweging te maken. Een politicus moet ten alle tijden zijn eigen afweging kunnen maken en daarbij zichzelf niet verloochenen. Daarin mag hij of zij van mening verschillen met de uitkomst van een referendum. De kiezer staat het vrij om zo iemand de maat te nemen bij de verkiezingen.

Maar mijn grootste probleem bij een referendum zit in het volstrekt ontbreken van vergelijkbare checks and balances, zoals de plicht tot heroverweging, die juist in een democratische rechtsstaat regulier zijn. Hoe kan het dat wij een heel stelsel opbouwen van checks and balances om vervolgens van onze politici te verwachten dat zij als lemmingen achter de uitkomst aan moeten lopen? Anders gezegd, er is tenminste reden om na te denken over hoe het een referendum evenwichtiger en minder eendimensionaal kan worden ingericht. Waar iedere instelling en instituut binnen onze rechtsstaat gedwongen wordt tot zorgvuldigheid mag je verwachten dat de uiteindelijke uitkomst van een referendum ook een goed doordachte beslissing is. Nu zien wij dat bij een enkelvoudige en een dimensionale beslissing als voorgelegd in een referendum, naast de zelfstandige inhoudelijke afweging, de opgebouwde irritaties en frustraties over de politiek of politici, die blijkbaar het vermogen zijn kwijtgeraakt om een deel van hun eigen achterban nog echt te vertegenwoordigen, dominant invloed hebben op een uiteindelijke uitkomst. Ook in ons land zien wij dat de kloof tussen de gevestigde partijen, de ‘elite’, en de dagelijkse zorgen van veel mensen steeds meer het reguliere inhoudelijk gesprek (of debat) in de weg staan. En ja, dan komt er een moment dat de rekening wordt gepresenteerd.

Het is evident dat ‘Brussel’ en de politici die geloven in Europa het groeiend negatieve sentiment erover bij de kiezer al heel lang onderschatten en misschien zelfs te zeer negeren. Brussel lijkt daardoor op een ‘machine’ die autonoom is geworden. Dat moet veranderen. Opnieuw een les die wij mogen trekken uit dit referendum. Daarin zit een opdracht die breed moet worden opgepakt. Maar het mag ook niet zo zijn dat iedere individuele politicus nu zijn eigen verantwoordelijkheid overboord gooit omdat er een enkelvoudige uitspraak ligt van de kiezer in de vorm van een gehouden referendum. Een individuele politicus is gehouden een zelfstandige beoordeling te maken en deze niet te verloochenen. Hij of zij is geen stemmachine van uitkomsten van een systeem van referenda dat in zichzelf geen evenwichtige checks and balances kent. Zolang die fout niet is hersteld behoud de gekozen politicus zijn eigen zelfstandige rol. Deze kan vervolgens door de kiezer worden beoordeeld (en zo nodig afgerekend) bij een reguliere verkiezing. Geloofwaardigheid in de politiek is ook gediend bij een voelbare verbinding tussen ‘praten en doen’, tussen ‘belijden en handelen’. Door af te treden is de Britse Eerste Minister bij zichzelf gebleven. Hij heeft daarmee vandaag de politiek tenminste de dienst bewezen door als politicus geloofwaardig te blijven.